portretschilder Rene Tweehuysen

LANGUAGE
deutsch
english
  Schildertechniek Rene Tweehuysen

SCHILDERTECHNIEK - Olieverf en tempera


De Oude Meesters

Tweehuysen is typisch een schilder die werkt in de traditie van de Hollandse schilderkunst. Z'n schilderijen hebben een hedendaagse uitstraling. In de toegepaste technieken zitten echter overeenkomsten met de technieken van de Oude Meesters uit de 16e en 17e eeuw.

Experiment

Een periode van intensief experimenteren heeft de basis gelegd voor de schildertechniek van Rene Tweehuysen. Het lezen van oude schildersmanuscripten opende een nieuwe wereld. Wat hem vooral opviel, was de enorme aandacht voor het materiaal waarmee men schilderde. Voornamelijk olieverf ( lijnolie + pigment ) en tempera ( b.v. ei + pigment ).

Na de academie volgde Rene, gedurende drie jaar, diepgaande studie in o.a.: tekenen, schilderen, materialenkennis, anatomie, kleurenleer, perspectief, compositie, kunstgeschiedenis, fotografie enz.......

Alchemie

De alchemie van de bindmiddel/pigment samenstellingen zijn een wezenlijk onderdeel van zijn schildertechniek. In zijn schilderijen heeft hij rijkdom aan verfmaterie voor ogen. Van dichtbij bekeken vormen de expressief geschilderde lagen verf en geologische structuren een kostbare verfhuid. Doe je een paar stappen naar achteren, vloeien de afzonderlijke penseelstreken in elkaar en wordt een realistisch beeld zichtbaar.

Natuurlijke zachtheid

Een gezicht is een optelsom van zeer subtiele verhoudingen, kleuren, en toonwaarden. Rene Tweehuysen streeft er naar om in zijn portretten de zachtheid van de menselijke natuur tot uitdrukking te brengen. Hij doet dat door zijn schilderijen in meerdere lagen op te bouwen. Deze arbeidsintensieve schildertechniek vraagt veel geduld en concentratie.

In het kort komt die techniek hier op neer:

Onderschildering

Het paneel of doek wordt eerst met 6 lagen krijtgrond bestreken en na droging goed glad geschuurd. Daarna volgt een getinte laag temperaverf ( imprimatura ) in b.v. licht grijs, beige of roze. Ook deze laag wordt goed geschuurd. De tekening op papier wordt aan de achterzijde met rood krijt ingesmeerd ( calqueren ). De tekening kan nu op de ondergrond doorgedrukt worden, net zoals dat met carbonpapier gaat. De onderschildering wordt met temperaverf opgezet in bruine tinten. Huidkleur wordt in grijze tinten geschilderd. In dit stadium wordt er nog geen kleur gebruikt. Het doel van de onderschildering is om de partijen grofweg te verdelen in licht en donker. Ook wordt er op deze manier al een soort bedding en reliëf gecreëerd voor de uiteindelijke schildering in olieverf. De onderschildering geeft houvast bij het uiteindelijke schilderen in olieverf. Waar de olieverfschildering straks transparant of halftransparant is, zal de onderschildering soms te zien zijn. Dit geeft een natuurlijke zachtheid, diepte en gloed welke nooit in één keer kan worden bereikt. Op deze manier kan het transparante karakter van de huid op de juiste wijze worden weergegeven.

Overschildering

Als de onderschildering goed droog is, kan worden begonnen met de uiteindelijke schildering in olieverf / tempera wisseltechniek met dekkende, halfdekkende en transparante verf. Als deze laag goed droog is worden de kleuren en schaduwen verdiept met zeer verdunde olieverf ( glacis ). Na droging volgt de laatste vernislaag van Damar.

Onderschildering en overschildering

Snap-shot, 1991

Werken met foto’s

Een geschilderd portret moet meer zijn dan een plaatje dat er uit ziet als een foto van de eerste de beste studiofotograaf om de hoek.

Mijn ervaring is dat de klant een gelijkend portret wil zien. Zo ben ik er toe gekomen om met goede foto’s te gaan werken. Let wel, natuurlijk niet het klakkeloos naschilderen van een foto ! Net als bij het schilderen naar de werkelijkheid zal je bij het schilderen naar een foto een vertaling moeten maken naar verf. In die vertaling wil ik zoveel mogelijk voorkomen dat te zien is dat mijn schilderijen naar een foto zijn geschilderd. Een fotosessie is in veel opzichten te vergelijken met een schildersessie naar de werkelijkheid omdat je voor dezelfde keuzes van o.a. belichting en compositie staat. Ook met een foto is het de kunst om het karakter van de geportretteerde te vangen en je moet dus gewoon een heel goede fotograaf zijn om dit te kunnen.

Net als dat je bij het live schilderen om het model heen loopt, maak ik foto’s vanuit verschillende hoeken. Het licht in mijn atelier probeer ik zo optimaal mogelijk te krijgen. Op één raam na blindeer ik alle ramen, zodat ik het licht ( uit het noorden ) van één kant krijg. Van elke persoon maak ik ongeveer 30 tot 40 foto's. Meestal zit er dan één perfecte foto bij waarvan ik kan zeggen, ja, dit is hij of zij. De andere foto's dienen dan als extra documentatie voor details, want op de ene foto zie je b.v. het oor beter en op de andere b.v. het haar. Al deze foto's te samen geven ook een beter drie-dimesionaal beeld van het geheel.

De manier waarop de geportretteerde kijkt is van cruciaal belang bij een fotosessie. Vriendelijk kijken werkt het beste. Een vereeuwigde lach ( tanden bloot ) daarentegen, gaat op den duur vervelen en is dus niet aan te bevelen. De geportretteerde moet je een beetje leren kennen en tijdens het schilderen probeer ik mijzelf zo goed mogelijk in de persoon in te leven.

Het doel is op een persoonlijke manier en zo levendig mogelijk een mens van vlees en bloed te schilderen.

René Tweehuysen

 

© - rene tweehuysen portretschilder/landschapschilder Links